Open brief in Israëlische krant Haaretz met kritiek op de politiek van gedwongen verplaatsingen door Israël

Door Piet De Bruyn op 12 juni 2018, over deze onderwerpen: Palestina
Open brief in Israëlische krant Haaretz met kritiek op de politiek van gedwongen verplaatsingen door Israël - Piet De Bruyn

Vandaag publiceert de Israëlische krant Haaretz een open brief waarin fors wordt uitgehaald naar de politiek van gedwongen verplaatsingen die de Israëlische staat toepast. Samen met meer dan driehonderd andere personaliteiten uit de internationale politieke, culturele en academische wereld heb ik deze open brief mee ondertekend. 

Concrete aanleiding is de instemming van het Israëlische Hooggerechtshof met de gedwongen verplaatsing van de Palestijnse bedoeïenengemeenschap Khan el-Ahmar en met de vernietiging van hun huidige verblijfplaats. Ministers Reynders en De Croo lieten hierover eerder al weten dat dit een 'grove schending zou betekenen van de internationale verplichtingen die Israël als bezettende macht heeft volgens het internationale humanitaire recht.' En ze hebben daarin gelijk. 

De Vierde Conventie van Genève stelt duidelijk dat gedwongen individuele of groepsgewijze verplaatsingen van de burgerbevolking van een bezet gebied verboden zijn. 
Bijkomend probleem bij deze onrechtmatige gedwongen verplaatsing, is de specifieke locatie aan de rand van Jeruzalem. De aangekondigde uitbreiding van de nabijgelegen -volgens internationaal recht illegale- nederzettingen maakt de oprichting van een leefbare en ononderbroken Palestijnse staat ook in de toekomst vrijwel onmogelijk. Ook hiertegen heeft de internationale gemeenschap al bij herhaling geprotesteerd. Protest waar de Israëlische overheid duidelijk niet van wakker ligt.

De Israëlische benadering waarbij ze zichzelf niet als bezettingsmacht zien en de bezette gebieden beschouwen als gebieden waarvan de status 'betwist' is en dus niet 'bezet', is een benadering die internationaal geen steun krijgt. Israël is als bezettingsmacht aanwezig op de Westelijke Jordaanoever en dient dus te handelen volgens het internationale humanitaire recht (IHR). Grove schendingen van het IHR zijn oorlogsmisdaden. Het klinkt hard, maar het zijn de regels van het spel. Bovendien is het zo nu en dan nodig de dingen weer eens duidelijk te stellen. Dat doet de open brief in Haaretz. Daarom ook mijn handtekening onder deze brief.

Wie tekende nog?

Heel wat (euro)parlementsleden van verschillende partijen ondertekenden de brief, waaronder mijn goede vrienden en fijne collega's Mark Demesmaeker en Wilfried Vandaele. Maar ook een ruime vertegenwoordiging van Britse (labour, conservative), Franse, Deense, Italiaanse, Spaanse ... parlementsleden aarzelden niet om te tekenen. Verder opvallend veel personaliteiten uit Israël zelf: academici, (gewezen) diplomaten, winnaars van de prestigieuze Israël Prijs.
Een gezelschap dat men dus bezwaarlijk kan afdoen als een zootje ongeregeld.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is